Stichting adoptievoorzieningen
Voorbereiding en nazorg op een lijn
Veelgestelde vragen
Contact English
Handen op globe

Het Griefelprogramma

Jonge kinderen leren van hun ouders om zich veilig te voelen. Van daaruit gaan ze een band aan met andere mensen en de omgeving en worden ze geholpen om zichzelf te reguleren en veerkracht te ontwikkelen voor als het tegen zit.
Om dit proces te ondersteunen is het Griefeprogramma ontwikkeld door Dinco Verhelst (floortimespecialist, Sherborne en systeembegeleider) en Eveline Beerkens (GZ-psycholoog K&J).
Juist een gezin waarbij adoptie onderdeel is van de dagelijkse werkelijkheid kan behoefte hebben aan een concreet, kortdurend, laagdrempelig, speels en interactief programma. Het is bedoeld voor kinderen van 2,5 – 7 jaar en hun ouders.
Het doel is te leren om van spanning tot ontspanning te komen. Daardoor komt er ruimte voor de kinderen om hun gewaarwordingen beter te leren (h)erkennen, minder overspoeld te worden door wat hen ‘overkomt’ zodat er ruimte komt om zich te ontwikkelen en te leren. Kinderen ontdekken m.b.v. Griefelen hoe ze met hulp van hun ouders, om kunnen gaan met gewaarwordingen in hun lichaam en daarbij horend gevoel en gedrag. In het griefelen wordt op een speelse manier geleerd hoe je daarover kan praten met elkaar.

Eveline Beerkens: “We koppelen nadrukkelijk de gewaarwording die binnen in het lichaam opborrelt aan gedrag en aan taal en laten telkens ouders en kinderen, in alle veiligheid, ervaren wat dit betekent. Dat is de kracht van het programma. Griefelen is een programma dat helemaal uitgaat van gewaarwording en ervaringen. Dat is mede de reden waarom het zo geschikt is voor adoptiekinderen. Adoptiekinderen zijn in de eerste jaren na aankomst nog zo in verwarring. De 2e taal moet nog worden geleerd terwijl de moedertaal nog niet gereed was.
Jonge adoptiekinderen zijn in deze eerste fase nog ontheemd. Kinderen kunnen aan veel prikkels nog geen betekenis geven. Tevens zijn ze nauwelijks in staat om zichzelf te kunnen beschermen. Volwassenen zijn voor hen hierbij van cruciaal belang. We kunnen helpen door de kinderen te laten ervaren wat er in hun lichaam gebeurt. Door die ervaring centraal te stellen, de kinderen te laten beleven dat je niet bang hoeft te zijn voor deze gewaarwordingen, dat ze komen en gaan en dat het kind hier zelf iets mee kan en mag doen, vergroot het gevoel van controle. Dat is bezig zijn met het grip krijgen/ontwikkelen op de eigen wereld en samen een oriëntatiepunt creëren namelijk je eigen lichaam. Als een kind samen met zijn ouders die boodschappen gaat ervaren en begrijpen, dan zie je dat kinderen “open gaan.”

Dinco Verhelst (links op de foto)

Dinco Verhelst (links op de foto): “In het programma gaan we samen met Stokkie op reis in het dierenbos. Daar gebeurt van alles wat frustraties oproept. Dat kan ervaren worden in het lichaam in de vorm van signalen. Bijvoorbeeld een rood hoofd, sneller kloppend hart, bubbels, een klem of juist warmte  in de buik, strakke benen of kriebels in de hand. Dit gaan we waar mogelijk samen gewaarworden en ervaren. Om vervolgens aan deze processen in het hier en nu, taal te koppelen. Oftewel betekenis geven aan wat ervaren kan worden. De kinderen mogen/kunnen naspelen en oefenen wat de dieren ook gewaar worden. Het geeft oefeningen die uitdagen om frustraties toe te staan, te leren (h)erkennen, om ze met hulp steeds beter te leren verdragen. De geleerde vaardigheden kunnen overal, altijd en door iedereen worden ingezet. Het Griefelproces mondt altijd uit in een laatste activiteit, namelijk het liggen of zitten met een knuffel onder een dekentje. Luisterend naar rustige muziek met een herhalend patroon. Dit laatste is enigszins te vergelijken met wat mindfulness genoemd wordt”.

Theoretisch stoelt het Griefelprogramma op het werk van Peter Levine, Maggie Kline, Bruce Perry en Joop Hellendoorn en de onderzoeksgegevens vanuit de mindfulness.

Voor meer informatie, kijk op www.griefelen.nl



Vragen? Bel 030 233 03 40 (maandag t/m vrijdag 9.00 - 14.00 uur)